Registreren | Inloggen       Colofon
  • Home
  • ORATIE: Afdwingbare gewekte verwachtingen

ORATIE: Afdwingbare gewekte verwachtingen

03/09/2017 10:00

Peter Diekman (l) ontving in de Centrumkerk van de Hervormde Gemeente uit handen van Jack Menke, bestuursvoorzitter van de Anton de Kom Universiteit, het certificaat voor zijn benoeming tot hoogleraar aan de Adek.

Peter Diekman (l) ontving in de Centrumkerk van de Hervormde Gemeente uit handen van Jack Menke, bestuursvoorzitter van de Anton de Kom Universiteit, het certificaat voor zijn benoeming tot hoogleraar aan de Adek.  

ORATIE - ‘Corporate Governance - Een noodzaak en voorwaarde voor de ontwikkeling, ook in Suriname’ is de titel van de oratie waarmee prof. dr. Peter Diekman RA op 29 augustus 2017 officieel de leerstoel Corporate Governance aan de Anton de Kom Universiteit van Suriname heeft aanvaard. De leerstoel is een geschenk van Assuria in verband met haar 25-jarig bestaan.

Tekst: Peter Diekman - beeld: Stefano Tull

ONDER 'CORPORATE GOVERNACE' wordt in het algemeen verstaan het systeem waarbinnen een onderneming wordt bestuurd en beheerst. Het is het samenspel tussen mensen, middelen en procedures dat ertoe leidt dat de onderneming effectief en efficiënt werkt en de gestelde doelen zoveel mogelijk haalt. Een samenvatting van de oratie. Zo'n twintig jaar geleden werd de vraag gesteld of aan het samenspel tussen mensen en middelen in een onderneming eisen gesteld kunnen worden. Omdat het met name gaat over mensen, spitste die vraag zich toe op eisen ten aanzien van gedrag.

Corporate governance gaat over het gedrag van mensen in ondernemingen, zowel in de private als de publieke sector. Omdat ondernemingen in veel gevallen rechtspersonen zijn, wordt ook wel over het gedrag van ondernemingen gesproken. De wet in Suriname biedt veel vrijheid als het gaat om de vraag wat wel en niet mag in het gedrag van ondernemingen. De belangrijkste wettelijke bepalingen met betrekking tot het gedrag van ondernemingen liggen vast in het Wetboek van Koophandel en het Burgerlijk Wetboek. Het Burgerlijk Wetboek is toe aan vernieuwing. Al enkele jaren is het Ontwerp Nieuw BW klaar, maar helaas is het nog niet verheven tot wet.

Opstellen gedragscodes

DE ONTWIKKELING VAN corporate governance kenmerkt zich door het opstellen van gedragscodes. Internationaal gezien kan het jaar 1992 als de bakermat hiervan worden gezien. In dat jaar verscheen in Engeland ' The Financial Aspects of Corporate Governance ', de eerste corporate governance-code geschreven onder voorzitterschap van Sir Adrian Cadbury. Om die reden wordt dit ook wel het Cadbury Report genoemd. Ook in andere landen zijn dergelijke codes tot ontwikkeling gekomen. In Suriname is een ontwikkeling ter zake hiervan zichtbaar. Enkele jaren geleden heeft de Centrale Bank van Suriname (CBvS) een gedragscode voor banken uitgevaardigd. De CBvS geeft hiermee zijn principes voor deugdelijk ondernemingsbestuur en best practice -bepalingen weer. Daarnaast hebben enkele ondernemingen, waaronder banken, hun eigen code ontwikkeld en op hun website gepubliceerd. Corporate governance is daarmee een thema in Suriname.

Vrijheid blijheid?

HET BIJZONDERE AAN corporate governance-codes is dat hiervoor in de meeste gevallen, ook in Suriname, het principe'comply or explain'(pas toe of leg uit-principe) van toepassing is. Het komt erop neer dat de onderneming de bepalingen in de gedragscode moet naleven en wanneer een bepaling niet wordt nageleefd, moet dit worden uitgelegd. Toch mag het comply or explain -principe niet worden opgevat als een vrijbrief om de bepalingen in de code maar terzijde te leggen.

De wetgever biedt over het algemeen veel ruimte om in het private verkeer zaken te regelen zoals men goed dunkt. Grondregel in het civiele recht is dat al hetgeen men in het private verkeer doet, moet gebeuren op basis van de beginselen van redelijkheid en billijkheid. Ondernemingen kunnen veel zaken zelf regelen en in statuten opnemen, zolang datgene wat er wordt geregeld maar niet tegen de wet ingaat of indruist tegen het grondbeginsel van redelijkheid en billijkheid. De wetgever definieert ook wat hieronder moet worden verstaan. Artikel 3:12 Ontwerp Nieuw BW luidt als volgt: 'Bij de vaststelling van wat redelijkheid en billijkheid eisen, moet rekening worden gehouden met algemeen erkende rechtsbeginselen, met de hier te lande levende rechtsovertuigingen en met de maatschappelijke en persoonlijke belangen die bij het gegeven geval zijn betrokken.'

De nadruk ligt dus op algemeen erkende rechtsbeginselen en de in een land levende rechtsovertuigingen. Gesteld kan worden dat corporate governance gaat over wat hier te lande wordt verstaan onder goed ondernemingsbestuur. In de inleiding van de Surinaamse bankencode wordt gesteld: "De principes kunnen worden opgevat als breed gedragen algemene opvattingen over goede corporate governance." Hiermee geeft de CBvS een invulling aan het bestaansrecht van de code die in lijn is met de tekst van art. 3:12 Ontwerp Nieuw BW. Niet naleving van de code kan dus in strijd zijn met de beginselen van redelijkheid en billijkheid.

Gewekte verwachtingen

AFGEZIEN VAN DIE voor banken heeft Suriname geen algemene corporate governance-code. Toch publiceert een groeiend aantal ondernemingen vrijwillig een eigen code op hun website. De vraag is of ondernemingen aan hun vrijwillige codes kunnen worden gehouden, in of buiten rechte. Kunnen die worden gezien als gedragscodes die in redelijkheid en billijkheid rechtens afdwingbaar zijn? Het publiceren van een code op de website door de onderneming, wekt verwachtingen op binnen het brede maatschappelijke verkeer. Voldoen aan die opgewekte verwachtingen is alleszins redelijk, maar is het in rechte afdwingbaar? De vrijwillig gepubliceerde gedragscodes zijn uitgangspunten ten aanzien van gedrag, maar het zijn geen specifieke afspraken die met derden zijn gemaakt of in contracten zijn overeengekomen.

Nu er geen contractuele verhouding aan ten grondslag ligt, lijkt het dat derden geen vordering kunnen instellen wegens wanprestatie wanneer de onderneming in specifieke gevallen van de code afwijkt. Dan resteert de vraag of schending voldoende grond biedt voor een rechtsvordering uit hoofde van onrechtmatige daad. De formele afkondiging van gedrag door een onderneming, kan niet zonder gevolg blijven en is daarmee in zekere zin afdwingbaar omdat redelijke verwachtingen zijn gewekt.

Toch moet de vraag of de door de onderneming zelf ontwikkelde code in alle gevallen rechtens afdwingbaar is, met voorzichtigheid worden beantwoord. Er is een verschil tussen de wettelijke verplichtingen waaraan een onderneming en haar bestuur gehouden zijn ten opzichte van fiduciaire (vertrouwenwekkende) aspiraties of idealen ten aanzien van goed ondernemingsbestuur. De verplichtingen die uit de wet voortvloeien zijn eerder rechtens afdwingbaar dan goede bedoelingen en aspiraties, die veelal zijn vervat in wat'maatschappelijk verantwoord ondernemen'wordt genoemd. Nochtans kunnen aandeelhouders en andere stakeholders druk op de onderneming uitoefenen, maar dat is niet gelijk aan een civielrechtelijke procedure met als doel de aspiraties op grond van het civiele recht af te dwingen.

Organen van de vennootschap

UITEINDELIJK GAAN DE gedragscode voor banken en de vrijwillige codes die ondernemingen hebben vervaardigd over goed ondernemingsbestuur. In concrete zin krijgt dat bestuur vorm door het gedrag van mensen en wel de directie, de raad van commissarissen (rvc) en de algemene vergadering van aandeelhouders (ava). Deze drie groepen worden in de wet aangeduid als 'organen van de vennootschap'.

De onderneming wordt bestuurd door de directie, die onder toezicht staat van de rvc. De Surinaamse wet eist dat de directie en commissarissen zich richten op de belangen van de vennootschap en de daarin verbonden onderneming. Toch moet de rvc zich in Suriname mede richten op de belangen van de aandeelhouders door wie zij zijn benoemd en wiens belangen zij ook dienen te behartigen. Het risico is dat de rvc in een spagaat terecht komt, omdat de belangen van aandeelhouders en de onderneming niet altijd gelijk hoeven te zijn.

Over het algemeen wordt gesteld dat aandeelhouders geen rol spelen in het besturen van de onderneming. Zij staan doorgaans op afstand van de onderneming en hebben altijd een informatieachterstand ten opzichte van de directie en commissarissen. Het gedrag van aandeelhouders is soms wispelturig, emotioneel en gericht op eigen belang. Dat blijkt uit de soms heftige reacties van de aandelenkoersen op de beurs naar aanleiding van gebeurtenissen of uitspraken van politieke leiders.

Het is goed in breed maatschappelijk verband na te denken over wat moet worden verstaan onder 'goed ondernemingsbestuur'

HET PROFIEL VAN aandeelhouders is heterogeen. Sommige aandeelhouders hebben slechts enkele minuten een belang in een onderneming en streven alleen naar een snelle koerswinst. Een voorbeeld zijn hedgefondsen die, soms gefinancierd met grote leningen, een belang nemen in een onderneming met als enig doel het opdrijven van de aandelenkoers. Wanneer dat is gelukt wordt het belang verkocht en neemt het hedgefonds de winst. Dergelijke aandeelhouders hebben uitsluitend een egoïstisch doel: winst maken. Daar staan aandeelhouders tegenover die zich voor lange tijd aan de onderneming verbinden en deze in goede en slechte tijden zullen blijven steunen. Dergelijke, meer altruïstisch ingestelde aandeelhouders komen veel voor in familiebedrijven en middelgrote ondernemingen.

Voordat er een beslissing wordt genomen over de vraag in welke mate aandeelhouders zeggenschap mogen hebben in het dagelijkse bestuur van de onderneming, is het dus wel van belang om te weten wat het karakter van de aandeelhouders is. Een onderneming is niet gebaat bij egoïstisch ingestelde aandeelhouders in een tijd van turbulentie. Over het algemeen is het beter dat aandeelhouders op afstand blijven van het besturen van de onderneming en dat overlaten aan de directie onder toezicht van commissarissen.

Het is goed om in een breed maatschappelijk verband na te denken over wat moet worden verstaan onder 'goed ondernemingsbestuur'. De contouren daarvan worden steeds duidelijker. Bestuurders en commissarissen zullen hieraan invulling moeten geven. Aandeelhouders hebben daarbij hoogstens een kleine rol op afstand. 

Peter Diekman (1)Foto / privécollectie

Share on Facebook    

Reageren op dit bericht? Bezoek onze Facebook-pagina