• Home
  • INTERVIEWSERIE: Sranan uma

Sranan uma: Drop-out-opvangster en baanbrekende politica

18/11/2016 17:00

De drop-out-opvangster

 

REPORTAGE - 25 november Sranan kies' wan uma pikin, fa a nen... fa a nen...? Srefidensi now! In aanloop naar de 41ste onafhankelijkheidsviering komen in deze tweedelige serie steeds twee Surinaamse vrouwen aan het woord die zich op onverzettelijke wijze dienstbaar hebben gemaakt voor volk en vaderland. Welke obstakels kwamen zij tegen op weg naar succes? Deel 1: Emmy Hart & Marijke Dwalapersad.

Teskt: Anouska Blanca - beeld: Stefano Tull & Jason Leysner

HET IS OP het heetst van de dag wanneer we het erf van Stichting Rumas oplopen. In de zaal is Emmy Hart (64) in gesprek met een van haar teamleden. "Kom we gaan hier zitten", zegt ze uitnodigend. "Hier voelen we nog wat wind."

Hart is de welbekende voorzitter en gedelegeerd directeur van stichting Rumas. Een organisatie die zich bekommert om het lot van jongens die de school vroegtijdig hebben verlaten, dreigende drop-outs zijn of met justitie in aanraking zijn gekomen.

We moeten ons steeds afvragen ten opzichte waarvan we onafhankelijk zijn

Zeven jaar zet ze zich in voor het vormen en resocialiseren van deze groepen, niet zonder succes. De vele oorkonden aan de muur bevestigen de waardering vanuit de gemeenschap. Niet alleen met Rumas maar ook binnen het onderwijs verdiende ze haar sporen.

"Fri yu srefi, daar denk ik aan als ik het woord Srefidensi moet definiëren," zegt Hart terwijl ze achter de tafel gaat zitten. Bevrijd jezelf. "We moeten ons steeds afvragen hoe zelfstandig we zijn en bovenal ten opzichte waarvan we onafhankelijk zijn. Als mens moet je streven naar innerlijke vrijheid." Ze wijst naar de foto's van de jongens op de muur. Het free your mind-concept is wat ze haar leerlingen meegeeft.

In opmars

Emmy Hart _JL_ (4)

JONGEREN HELPEN, HEEFT ze niet van een vreemde. "Mijn moeders huis had een open-deurpolicy. Mijn vrienden en vriendinnen kwamen studeren en het was vanzelfsprekend dat mijn moeder dat toeliet", vertelt Hart, vrolijk wijzend naar haar eigen huis. Ze constateert dat vrouwen in opmars zijn, maar juicht niet alle ontwikkelingen toe.

Als begeleider merkt ze dat vooral vrouwen die de eindjes goed aan elkaar knopen, menen geen man nodig te hebben en claimen de kinderen alleen te kunnen opvoeden. Hart: "Mannen hebben een rol te vervullen in vooral het leven van de kinderen. Deze rol moet ze niet ontnomen worden, maar dat moeten de mannen zelf ook inzien. Het samen opvoeden van kinderen is bepalend voor het fundament van het gezin en daarmee de natie."

Niet te stoppen

ALS WE VOOR de kantoordeur van Indira Devi Marijke Djwalapersad (65) staan, heeft de zon plaats gemaakt voor de maan en pakken dikke donkere wolken samen als voorbode van een stortbui. De oud-parlementsvoorzitter komt moeizaam aangelopen. Op haar kantoor heeft ze tal van boeken liggen en aan de muur hangen oorkondes en certificaten. Ze excuseert zich en wijst lachend de drie stapeltjes papier aan die op haar bureau liggen: "Dit is politiek, religieus en cultuur."

Haar actieve politieke periode is misschien voorbij en haar gezondheid laat te wensen over maar afgezien daarvan is Djwalapersad nog steeds niet te stoppen. Tegenwoordig adviseert ze het VHP-ressort Saramaccapolder en waar nodig andere kernen, houdt zich veel bezig met het bijdragen en verspreiden van de Hindi taal en de hindoereligie.

We zijn nog steeds niet financieel-economisch onafhankelijk

Ze is de enige vrouwelijke voorlichter van de Sanatan Dharm. Ook is ze vertaalster van het Sranantongo, Sarnami, Hindi, Engels en Nederlands. Op sociaal gebied maakt ze zich dienstbaar als begeleider in allerhande gevallen van slachtoffers van geweld.

Het woord Srefidensi brengt Djwalapersad terug naar de dag van de onafhankelijkheid. "We waren niet klaar. We zijn nu nog steeds niet financieel-economisch onafhankelijk." Maar zelfstandigheid heeft nog een betekenis voor de oud-politica. "Ik was vanaf mijn achtste onafhankelijk en net een tweede moeder voor mijn broers en zussen. Voor hen en hun kinderen zorgen deed en doe ik nog steeds met heel veel liefde. Mijn moeder kwam drie jaar terug te overlijden. Zij was mijn alles. Haar heengaan is nog steeds een domper." Djwalapersad woont nu met haar vader van tweeëntachtig en een jongere broer.

Sneller volwassen

Marijke Djwalapersad3

VOLGENS DJWALAPERSAD is het een gegeven dat vrouwen sneller volwassen worden dan mannen. "Het gaat voor een vrouw instinctief, veelal heeft de thuissituatie daar invloed op", zegt ze. Volgens haar is het vooral binnen de Aziatische en Afro-Surinaamse bevolking zo. "Hoewel", klinkt het met enige twijfel in haar stem, "ik merk dat ouders tegenwoordig heel lang alles voor hun kinderen willen doen. De kinderen behalen een master maar kunnen niet hun eigen potje koken. Naar mijn mening leer je niet een volwaardig mens te zijn door alleen boekenkennis te hebben."

Djwalapersad is erg traditioneel opgevoed, tegelijk vrij en liberaal. "Mijn ouders waren streng in de huisregels maar ik mocht als eerste meisje van Saramaccapolder naar de stad voor verdere studie. Mijn vader moest toen erg over de streep getrokken worden. Het was onacceptabel dat zijn dochter in de stad op school zou gaan met kafri's. Het was een heel andere tijd", lacht ze.

Vele keuzes

Emmy Hart4

ZELF HEBBEN HART en Djwalapersad vele keuzes moeten maken om hun uiteindelijke loopbaan te kunnen realiseren. Zo trok Hart rond 1975 naar Moengo om de plaatselijke muloschool te helpen in het verzorgen van het vak Wiskunde, omdat ze anders geen leerkracht hadden. "Ik ben eigenlijk gegaan om de vakken die ik heb gestudeerd, Spaans en LO, te verzorgen. Maar toen mij om hulp gevraagd werd voor wiskunde deed ik het. Ik kon niet anders dan door zelf het vak opnieuw te studeren", herinnert ze zich.

Ook nu wordt haar woonhuis ingezet voor de werkzaamheden van stichting Rumas. Voor Djwalapersad was het een traditionele overtuiging die gemaakt heeft dat ze kinderloos is gebleven. "Ik geloof nog steeds dat kinderen uit een huwelijk moeten voorkomen. Let wel, ik heb zelf ook familie die in concubinaat wonen en keur het niet af. Hoewel ik liever heb dat ze getrouwd waren."

Ergens bood deze keus een zekere mate van vrijheid die de politica nodig had gedurende haar hectische carrière. Haar moeder zat niet te juichen toen haar oudste dochter besloot de politiek in te gaan. "Wel geloofde iedereen dat ik het kon. Het was Jagernath Lachmon die mij via zijn echtgenote benaderde om actief in de politiek te werken. Zeven maanden later stond ik op een lijst."

Bijdragen

DE IMMATERIELE BIJDRAGE van deze twee vrouwen aan de ontwikkeling van Suriname is immens. In 1991 besloot het Hindoestaanse plattelandsmeisje dat het tijd was dat het land haar stem hoorde. Haar partijgenoten gaven haar een plek helemaal onder aan de kandidatenlijst. De vrouw die bekend staat om haar pit en durf, liet zich echter niet voor één gat vangen.

"Ik liet me adviseren over voorkeursstemmen. Ik leerde dat het kon en heb meteen veel veldwerk gedaan om de stemmen te verzamelen. Ik moet toegeven dat meer mannen dan vrouwen me ondersteund hebben. Bij de verkiezing werd ik gekozen tot eerste Hindoestaans vrouwelijk parlementslid op basis van voorkeursstemmen. Ik dacht dat partijleiding boos zou zijn nadat de resultaten bekend waren maar toen ik Lachmon sprak zei hij: 'Meisje, ik ben blij dat je gekozen bent."

Marijke Djwalapersad5

Nog een bijzonder bijdrage werd geleverd in 1996 toen Djwalapersad werd gekozen tot de eerste vrouwelijk voorzitter van De Nationale Assemblee. "Heel vaak heb ik toen gedacht:'Mi o fasi…' Het was voor de parlementsleden onwennig dat de hamer in handen was van een vrouw. Ze hadden moeite het woord te vragen aan 'mevrouw de voorzitter'. Een keer heb ik een parlementslid vanwege zijn brutale houding buiten deur laten zetten want op dat moment praat je niet tot de persoon Djwalapersad maar tot mevrouw de voorzitter van DNA. Dat respect moest ik afdwingen."

Hart heeft als leraar meer dan dertig jaar haar krachten gegeven. Een hoogtepunt was toen ze de directricefunctie voor de Marie-Levre Muloschool kreeg aangeboden. "Mij was niet gezegd dat het een school was voor drop-outs. Ik had de taak de school positief om te gooien. Ik moest het opnemen tegen gangsters. Om door te dringen bij de leerlingen moest ik heel hard en disciplinair zijn."

Een maatregel werd de dagelijkse vlaggenparade. "Uit mijn eigen zak liet ik de vlaggenmast die achter de school stond naar voren brengen. We moesten en zouden op 1 oktober starten met het zingen van het Surinaams volkslied. We hebben vanaf die dag zestien jaar lang elke ochtend de vlaggenparade gehouden. Elke dag kregen de jongeren een boodschap mee en het heeft gewerkt!"

Gouden klap

Emmy Hart2

"EEN LEVEN ZONDER obstakels is geen leven", zegt Hart die letterlijk de klappen van de zweep heeft ondervonden. "Alleen door de omstandigheden op je weg leer je. Dat is als je begrijpt dat de les die je moet leren is om je een beter mens te maken." Van de meest opmerkelijke obstakel uit haar loopbaan zijn velen deelgenoot geweest, toen haar positie als SPI-directrice werd verzwakt nadat ze een docent een klap had gegeven in zijn gezicht.

Zelf noemt ze het de 'goudenklap'. Deze explosie werd vast gelegd in de media. "Ik kan me nog herinneren. Er waren flitsen op de tv en flashberichten op de radio. Mijn model van de wereld werd letterlijk geschud. Iedereen kon zo iets vreselijk overkomen, maar ik kon niet bevatten dat het mij kon gebeuren," vertelt ze nu lachend.

Ik kon het niet meer hebben dat het land zo werd bestuurd

"Soms moet je als mensen door een diep dal gaan om de meerwaarde van het leven in te zien. Ik ervoer voor het eerst in mijn leven zoveel schaamte en pijn. De wijze les is dat boosheid een keuze is. Vrijheid ervaar ik nu wanneer ik besef dat ik zelf mijn vijanden kan begrijpen en liefhebben. Ik bid voor een ieder dus ook voor Suriname", besluit Hart.

Ook Djwalapersad heeft vooral in de politiek de rekening moeten betalen. Ze blijft even stil. "Het was vreselijk om door de partij als laatste kandidaat geplaats te worden," vertelt ze. Gelukkig weten we de uitkomst van die obstakel ondertussen. "Een van de pijnlijkste obstakels kwam in 1999. Toen ik een beslissing moest nemen om de president die ik heb ondersteund naar huis te sturen. Jules Wijdenbosch is mijn broeder maar ik kon het niet meer hebben dat het land zo werd bestuurd."

Dit artikel is verschenen in onze bijlage van 12 november 2016

Share on Facebook    

Reageren op dit bericht? Bezoek onze Facebook-pagina