Registreren | Inloggen       Colofon
  •  
  • Home
  • Margaretha Malontie zwaait af

Margaretha Malontie zwaait af

05/07/2020 20:02 - Lloyd Djendje

Margaretha Malontie zwaait af

Dc Margaretha Malontie (staand) spreekt de aanwezigen toe tijdens bezoek van een regeringsdelegatie aan Stoelmanseiland in november 2019. Foto: NII  

PARAMARIBO - Margaretha Malontie is een bekend gezicht in de politiek en vooral wanneer het zaken van het achterland betreft. Maar nu na 38 jaar trouwe dienst neemt zij afscheid. Haar vertrek valt samen met het aantreden van een nieuwe regering aan wie ze het advies meegeeft dat elke districtscommissaris (dc) die wordt aangesteld veel passie moet hebben voor mensen in zijn of haar district. "Al is soms de profeet niet geëerd in eigen stad, maar als je als dc weet hoe de mensen in elkaar zitten, kan je veel meer doelen bereiken."

Wijzend op haar 'pito-vlechtjes'- een bepaalde manier van haarvlechten bij marronvrouwen - schuift Margaretha Malontie, deken van de districtscommissarissen, aan om haar verhaal te doen vanaf zij districtswerker is tot haar werk als deken. Met haar 61 levensjaren zal zij afscheid nemen en met pensioen gaan. Na 38 dienstjaren bij de overheid te hebben volgemaakt vindt zij het welletjes.

In het korps van de districtscommissarissen van dit moment heeft zij als nestor het langst gediend en wel onafgebroken. Haar passie is altijd uitgegaan naar het helpen brengen van verbetering in het lot van achtergestelde groepen, onder wie vrouwen. "Ik ken elk dorp of kamp in het achterland. Overal waar mensen wonen in dit land ben ik al geweest." 

Het kantoor van deken Malontie is gevestigd aan de Zwartenhovenbrugstraat op de plek die bij binnenlandbewoners bekendstaat als 'Makaati' (Mac Arthur). Jaren geleden toen het huidige ministerie van Regionale Ontwikkeling (RO) waaronder de districtscommissarissen ressorteren, nog het ministerie van Districtsbestuur en Decentralisatie heette, werd in een pand van een zekere meneer Mac Arthur een technische afdeling ondergebracht.

Malontie laat haar brede oriëntatie gelijk zien, duikt in de geschiedenis en vertelt dat Makaati een vertrekpunt was voor volgeladen boten met personen en materialen die via de Surinamerivier vertrokken naar het binnenland om er te werken in de balatasector, houtkap en goudwinning - een soort Atjoni van toen. Met melodieuze stem zingt zij een regel uit het oude liedje dat toen gemaakt werd aan de hand van de sfeer bij Makaati: "Na 16 april, te mi boto lai, na Tapanahony na drape mi bee go."

En nadat in de jaren tachtig het district Sipaliwini werd ingesteld werd Makaati als centrale locatie gebruikt om het districtscommissariaat van Sipaliwini te vestigen. Voor alle granman - marron en inheems - waren de nodige logeerfaciliteiten aangebracht. Onder RO-minister Michel Felisi (2005-2010) werden een andere logeergelegenheid gebouwd voor de dignitarissen.

 

Jong in de revo

Malontie trad als jonge vrouw in 1982 tijdens het militaire bewind in dienst bij het ministerie van Districtsbestuur en Decentralisatie in Paramaribo. In deze tijd van de revolutie werd vooral via dit ministerie de revo-gedachte sterk gepropageerd binnen de gehele samenleving, de zogenaamde Volksmobilisatie.

Malontie werd toen de assistent-coördinator van de afdeling Binnenland met als taak de mensen in met name het achterland te organiseren in belangengroepen. Ze herinnert zich als de dag van gisteren de collega's zoals Orna Albitrouw en Rudy Kodama met wie zij het werk moest doen. "Ik ben heel jong in de revo beland en één en al gepassioneerd door de revolutiegedachte heb ik, voordat de Volksmobilisatie werd opgedoekt, hard geholpen aan het opzetten van de zogenaamde volkscomités", zegt Malontie.

Het doel van de comités was om mensen te bundelen voor een gemeenschappelijk doel. Samen moesten ze als comité via de districtscommissaris en zijn werkarmen gesignaleerde noden leggen op het bord van de verschillende ministeries. Ze herinnert zich hierbij zaken zoals de zogenaamde Centrale Import Suriname (CIS) van die tijd. Via CIS werden goedkope huishoudelijke artikelen geïmporteerd en via de volkscomités aan de armen verstrekt. "Dus je ziet dat het systeem van voedselpakketten geven of verkopen echt niet nieuw is voor Suriname. Niet dat we de winkels aan het beconcurreren waren, maar er was een sociaal vangnet nodig voor veel mensen in nood."

Naast de volkscomités was er het zogenoemde Nationale Vrijwilligerskorps waaraan Malontie ook haar krachten heeft gegeven. De betegeling van de Ramgoelamweg en enkele zijwegen van de Kwattaweg, zoals de Grandoweg, behoorde tot de activiteiten van het korps. "Ik heb ook straten helpen maken door met de hand straattegels te plaatsen in groepsverband. En dat was pro Deo", illustreert Malontie haar bijdrage. Ze zegt naar hartenlust te hebben gewerkt aan de ontwikkeling van het land.

 

Bestuursdienst

Wanneer in 1984 een verandering komt in de structuur van de overheid en de Volksmobilisatie wordt opgeheven, wordt zij overgeplaatst naar het districtscommissariaat Albina in Marowijne. Daar heeft ze haar krachten gegeven tot de Binnenlandse Oorlog uitbrak in 1986.

Vanwege de oorlog keerde ze terug naar Paramaribo en werd tewerkgesteld bij de bestuursdienst van het districtscommissariaat Sipaliwini te Makaati. "Bij de bestuursdienst fungeer je eigenlijk als de ogen en oren van de districtscommissaris. Je gaat het veld in om problemen van de burgers te identificeren en oplossingen daarvoor aan te dragen."

De eerste dc onder wie zij gewerkt heeft en die haar ook het meest heeft beïnvloed was Ulrich Aron te Moengo. Nadat Aron terug werd gehaald naar Paramaribo om voorzitter van het parlement te worden, trad Marcel Soe A Ngie aan in Marowijne. De bestuurskundige Aron maakte een enorme indruk op Malontie vanwege zijn kennis van het bestuurlijke, maar meer nog zijn betrokkenheid bij het veldwerk.

"Niet het zitten plannen op kantoor maakt iemand tot een goede leider. Een dc moet integreren met zijn volk. Ik ken hem als actief in het veld. Hij was gewoon tussen de arbeiders. Er waren van de mannen die soms met tegenzin hun werk deden. Dan was hij daar om inspirerende dan wel morele steun te geven. Het was ook grappig om te horen hoe hij mannen zei dat ze hun houwer beter moesten vasthouden om te werken", lacht Malontie.

Hoewel zij al geruime tijd het werk van de bestuursdienst deed, ontving ze pas in 1997 de daarbij behorende epauletten om officieel te dienen. Zij heeft zich bij de bestuursdienst voornamelijk ingezet om vrouwen te ondersteunen. Het ging er bij haar om deze groep te helpen om zichzelf te organiseren rondom haar gemeenschappelijke belangen met als doel in georganiseerd verband hulp te zoeken bij de overheid.

Al voordat ze dc werd, werkte ze samen met wijlen Nadia Raveles bij de unit Genderbeleid van RO om vrouwen in het achterland te bereiken met de boodschap van de regering toen. Ruim 250 vrouwenorganisaties/- groepen zijn geholpen om hun statuten te schrijven en in te dienen bij de relevante instanties voor goedkeuring. Vele van deze groepen zijn tot heden actief.

 

Dc en deken

Malontie is sinds de oprichting van de Nationale Democratische Partij (NDP) betrokken bij de partij. In 1987 werd ze nog gekandideerd op DNA-niveau. Op de lijst van Marowijne stonden ook Herbert Watson en Theo Blanca. Het stembureau was vanwege de Binnenlandse Oorlog en de noodtoestand in het oostelijk district daarom geplaatst in Ons Erf in Paramaribo. Toen werd alleen Watson gekozen.

Malontie bleef nog in de politiek. In 2000 werd ze gekandideerd in Sipaliwini waar ze wel werd gekozen voor het parlement voor de periode 2000-2005. Wanneer ze bij de verkiezingen van 2010 niet wordt gekozen, wordt ze in 2011 als dc aangesteld in het bestuursressort Tapanahony.

Toen liet ze zich ook inspireren door het werk van oud-dc Aron bij de uitvoering van haar functie. Overal waar ze in de gelegenheid was stond ze met name de vrouwen bij in hun werk. "Ik ging gewoon mee naar hun kostgrond. Ik bakte zelfstandig kwak en cassavebrood na goed gekeken te hebben naar mijn eigen moeder en deze vrouwen."

Een burgermoeder of -vader is in haar belevenis belangrijk voor het coördineren van alle overheidsinstanties en het sociaal-maatschappelijk leven in het district. Aan de komende regering geeft ze het advies mee dat elke dc die wordt aangesteld veel passie moet hebben voor mensen in het district van aanstelling. "Hij of zij moet ingenomen zijn met de culturen, zeden en gewoonten van de burgers van het gebied. Al is soms de profeet niet geëerd in eigen stad, maar als je als dc weet hoe de mensen in elkaar zitten, dan kan je veel meer doelen bereiken."

Malontie kreeg in 2011 het bestuursressort Tapanahony en in 2016 het bestuursressort Paamaca onder haar beheer. Ze heeft in beide gebieden gedaan wat ze kon, maar toch niet alles gerealiseerd wat ze wenste. Het in 2010 opdelen van het district Sipaliwini in zeven bestuursressorten was volgens haar een must gelet op het feit dat het district bijna 85 procent van het grondgebied van Suriname in beslag neemt. Hierdoor was het moeilijk voor één dc om de bevolking optimaal te bereiken.

Het was volgens Malontie geen onwil toen van de dc's, maar de infrastructuur maakte het onmogelijk. Voordat de dc een klein deel van de dorpen kon bezoeken was het jaar al flink ver gevorderd. Maar nu maakt de opdeling in ressorten het contact met de mensen juist makkelijker. "Toen ik bepaalde dorpen aandeed na mijn aanstelling, hebben sommige mensen verklaard voor het eerst een dc in hun dorp of kamp te hebben gezien. Vanwege het uitgestrekte gebied toen waren de dc's genoodzaakt alleen bepaalde centraal gelegen plaatsen aan te doen", zegt zij.

Malontie heeft in beide ressorten rustig haar tijd genomen om de dorpen en kampen aan te doen. Ze hoopt dan ook dat de nieuwe deken geen specifiek district of bestuursressort krijgt onder zich. Want dat heeft Malontie wel als minder prettig ervaren. "Je bent met je mensen bezig in je district en er wordt gebeld dat je als deken moet deelnemen aan een belangrijke regeringsbespreking. In mijn geval kwam ik soms net weer aan in Paramaribo uit het binnenland, of ik kreeg te horen dat ik de dc's ergens moest vertegenwoordigen. Om die redenen denk ik dat het voortaan beter is dat een deken niet een aangestelde dc over een gebied moet zijn".

 

Wensen

Het is Malontie vanwege de schaarse middelen niet gelukt om een overhaalsysteem voor boten met vracht bij de bekende plek Foetoe Pasi aan de Tapanahonyrivier te realiseren. Ook zou ze graag in elk dorp van Paamaka een centrale unit met 1x24 uur mogelijkheden voor het opladen van batterijen van mobiele telefoons willen plaatsen. Dit in het belang van een goede communicatie met de rest van de wereld. Vanwege het probleem met levering van benzine aan de dorpen kunnen de overheidslichtmotoren niet 1x24 uur elektriciteit bieden.

Voor vrouwen in de dorpen zou ze een centrale keuken willen bouwen voor een goede hygiëne tijdens culturele activiteiten. "Vaak zien we de vrouwen gezellig samen koken onder een boom bij bepaalde gelegenheden. Daarom zou zo'n keuken in elk dorp prachtig dienen", vindt Malontie.

Ook de wegstrekking tussen Kruispunt Moengo en SnesiKondre zou ze geasfalteerd willen zien in samenwerking met de lokale multinationals. Voor de rest heeft zij enkele mooie projecten samen met de gemeenschap gerealiseerd.

 

Gezin

"Ik ga nu spelen met mijn kleinkinderen. Het is genoeg geweest", klinkt haar antwoord op de vraag of ze niet zal aanblijven als deken als de komende regering haar dat vraagt. Ze heeft drie zonen, drie dochters en kleinkinderen in het buitenland. Ze hebben haar tijdens haar werk vaak moeten missen thuis.

Lachend vertelt ze hoe haar kleinzoontje, die ze grootbrengt, haar heeft ervaren. Wanneer iemand haar thuis opzocht en haar niet tegenkwam, zei haar kleinzoontje: "Oma is of in Ocer of in het binnenland." Gelukkig heeft haar man zich kunnen aanpassen aan de vele reisjes die zij moest maken naar het binnenland.

Share on Facebook    

Gerelateerde artikelen

Reageren op dit bericht? Bezoek onze Facebook-pagina