Registreren | Inloggen       Colofon
  •  
  • Home
  • Verzelfstandiging door een steun in de rug

Verzelfstandiging door een steun in de rug

31/05/2020 20:27 - Euritha Tjan A Way

Verzelfstandiging door een steun in de rug

De kindertjes kunnen nu in een veel betere omgeving opgroeien. Foto: Irvin Ngariman  

PARAMARIBO - Iedereen heeft het recht op een menswaardig bestaan. Dat is de gedachte achter de grootscheepse verhuisactie waarbij de bewoners van het Mi Abri-complex zijn overgebracht naar het Palulu woon- en werkcentrum. Toch is menswaardig meer dan alleen een betere woonsituatie ervaart de organisatie. Erna Aviankoi: "Door ze te verhuizen is gebleken dat we ze ook moeten leren hoe in deze nieuwe situatie samen te leven met elkaar."

Heerlijk ontspannen zit Josta MacNack voor haar deur. Zij is samen met 85 andere gezinnen al een week bewoner van het Palulu-woon- en werkcentrum. Ze laat haar telefoon en drank rusten op het rooster van de airo die aangesloten is op haar slaapkamer. Op een afstand zit een konijn in haar hok vers gras, dat aan de overkant van het complex geplukt is, te eten. Terwijl MacNack haar kleinkinderen waarschuwt en zich verontschuldigt voor hun gedrag vertelt ze dat ze zich "heel, heel, heel fijn" voelt waar ze nu is. "Daar waar we waren in Mi Abri was heel erg, daar was geen goede plek om te wonen", zegt ze.

Mi Abri is het complex op de hoek van de Rode Kruislaan en de Maystraat waar de overheid in lang vervlogen tijden moeilijk handelbare meisjes met de nodige begeleiding opving. Het terrein is eigendom van het ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting. Enige tijd na het sluiten van het opvangtehuis kwamen er mensen het complex kraken en in de afgelopen jaren kwamen steeds meer gezinnen bij die vaker zorgden voor overlast bij de buren. Iedereen bouwde een eigen optrek, wat leidde tot een onoverzichtelijke situatie.

"Ik kwam als eerste daar in 1985. Ik woonde binnen in het gebouw, dus niet buiten op het erf. Ik was genoodzaakt te verhuizen van waar ik was in de buurt Charlesburg omdat het gebouw helemaal bouwvallig was geworden", legt MacNack uit. Zij beschrijft een lang traject van hulp zoeken bij de overheid. "Tijdens de eerste termijn van de regering-Venetiaan zijn we met een aantal mensen die hier ook woonden naar het kabinet van de president getogen. Terwijl wij het volkslied zongen om de petitie aan te bieden, liep hij gewoon door naar het kabinet en keurde ons geen blik waardig. Pas toen iemand hem erop attent maakte dat we er waren, kwam hij de petitie halen."

MackNack neemt een stuk papier tussen duim en wijsvinger; er trekt een blik van walging over haar gezicht. "Zo heeft hij onze petitie aangenomen. Hij mompelde nog: 'Ik zal kijken wat ik voor jullie kan doen'." De groep heeft daarna nooit meer iets gehoord van Ronald Venetiaan. Maar de bedreigingen van Paul Somohardjo - de toenmalige minister van Sociale Zaken - dat hij het terrein zou ontruimen, stopten daarna wel. "Kuldipsingh kwam toen vaker kijken en we hadden vernomen dat Somohardjo het stuk zou verkopen voor dat bedrijf", zegt zij.

 

Tol

Bij de eerste termijn-Bouterse deed de groep nogmaals een beroep op de regering. Dit keer om de dakplaten te vervangen, waarvan ze hadden begrepen dat ze asbest hadden. "Pas bij de tweede termijn mochten we licht en water aanvragen." Na bijna 25 jaar daar gewoond te hebben is de 62- jarige vrouw wel blij dat ze nu in een huis woont met licht en water binnen. Maar de jaren hebben hun sporen achtergelaten in het gezin van MacNack. "Ik had vier banen om mijn vijf kinderen te verzorgen. Ik werkte bij het jeugdcentrum, hield in de avond de wacht, streek kleren voor mensen en ik had een baan bij de overheid."

Trots vervolgt ze: "Maar ik heb er al mijn kinderen opgebracht als alleenstaande moeder. Eén is nu zelfs afgestudeerd aan de universiteit." Helaas hebben lange uren studeren in slecht licht, hun tol geëist en is haar dochter twee keer aan beide ogen geopereerd. "Maar het gaat nu beter. Ze werkt nu en ik help met de opvoeding van haar drie kinderen, den hogri sote", zegt de vrouw met een liefdevolle ondertoon in haar stem. Toch is de verhuizing niet helemaal goed verlopen, vindt MacNack. "Er zijn mensen die niet daar woonden. Toen ze hoorden dat we zouden verhuizen hebben ze hun mensen uit het binnenland gebeld en ze zijn hier gekomen. Het is niet eerlijk en bovendien is er veel vuil en weten ze niet met water om te gaan", vindt MacNack.

Aviankoi, die de publiciteit doet binnen de stichting Palulu-woon- en werkcentrum, geeft toe dat er nog veel gedaan moet worden. Maar de plannen liggen klaar en er is een traject uitgezet. "De mensen wisten dat we bezig waren naar een oplossing voor hen te kijken. Maar we hebben niet gezegd dat ze zouden verhuizen, anders wisten we dat er nog meer mensen bij zouden komen en dan zou het project mislukken zoals eerdere projecten." Zij geeft aan dat wie niet daar woonde er wel uitgezet zal worden, na onderzoek van de stichting die ook het beheer zal voeren over de plek.

 

Drie sporen

De organisatie is een stichting die in een publicprivatepartnership een vijf jaar durende pilot is begonnen om crisisgezinnen in Groot-Paramaribo op te vangen. "We hebben op drie sporen gewerkt. Het eerste spoor was het dagelijks praten met de mensen zodat we precies zouden weten wat hun situatie is. Het tweede was het gebruiksklaar krijgen van de locatie, die voorheen bewoond werd door de gastarbeiders die bij Staatsolie de raffinaderij hadden helpen opzetten en het derde was onderhandelen met de overheid om te kijken in welke voorzieningen zij kon voorzien."

Hoewel Aviankoi is benaderd door Sociale Zaken en Volkshuisvesting (Sozavo) en de stichting onder voorzitterschap is van Joan Dogojo, voormalig minister van Sozavo, zegt ze dat het niet om een verkiezingsstunt gaat. "We hebben een traject ingezet om de mensen op te vangen. Wat we nu doen is de eerste fase en dan volgen er in de tweede fase zaken als begeleiding. In de tweede fase gaan ook jonge professionals, alleenstaanden en kleine gezinnen die het wel kunnen betalen hier een plek krijgen, maar die gaan betalen."

Aviankoi geeft toe dat de stichting bij het verhuizen van de mensen heeft gemerkt dat de gap tussen de eerdere woonsituatie en waar de mensen nu wonen groot is. "We hebben zaken als alcoholmisbruik, problemen met seksualiteit, seksueel misbruik en gebrek aan sociale vaardigheden geconstateerd. Dat komt doordat de locatie Mi Abri een plek was waar allerlei zaken die legaal en illegaal waren, gedaan werden. Veel van deze mensen hebben daar al twintig jaar gewoond." De conclusie van de stichting is dat veel van de mensen ook sociale begeleiding nodig hebben.

 

Menswaardig

"Wat we zeggen is dat iedereen het recht heeft op een menswaardig bestaan. Daar bij Mi Abri hadden ze dat niet. Door ze te verhuizen is echter gebleken dat we ze ook moeten leren hoe in deze nieuwe situatie samen te leven met elkaar. Dat ze oog hebben voor de omgeving, met vuil leren omgaan en ook leren wat geaccepteerd gedrag is. Dat alles hoort ook bij een menswaardig bestaan. Dat traject zullen we dus ook inzetten met organisaties als Rumas, Bureau Alcohol en Drugs en anderen", benadrukt Aviankoi. Lando is ook verhuisd van Mi Abri naar Palulu en heeft net als meer dan 80 procent van de bewoners een gezin dat bestaat uit meer dan vijf kinderen. Ook hij is blij met zijn nieuwe onderkomen.

Terwijl zijn kinderen samen met een andere groep op het balkon van zijn nieuwe plek pret maken, komt hij uit het huis. "Ik heb achter een vriend van me gelopen om daar te gaan wonen, nadat ik uit het huis was gezet aan de Hermitageweg. Ik mocht daar blijven van iemand die in Nederland was, maar toen die terug was moest ik eruit." Lando (50) wil niet met zijn naam in de krant. Lachend zegt hij: "Na syen toch." Maar hij wil wel vertellen dat hij zeer blij is met de nieuwe plek. Alleen wil hij ook kippen kweken. "Ik heb mijn kippen daar aan iemand moeten geven, dat vind ik jammer. Nu moet ik kip kopen." Hij vraagt verder of de organisatie wat kan doen aan zijn twee airco's die niet werken.

 

Weerbaar maken

Aviankoi laat weten dat het terrein dat eigendom is van de overheid loodsen heeft aan de achterkant. In het projectplan staat dat die ruimte in een volgende fase inderdaad kan dienen als plek waar eventueel landbouwactiviteiten ontplooid kunnen worden. "Het is de bedoeling dat de mensen via allerlei projecten en begeleidingstrajecten weerbaar gemaakt zullen worden zodat ze na maximaal vijf jaar zelfstandig kunnen wonen. En ook kunnen verhuizen. Zo komen er plekken vrij voor andere mensen die crisisopvang hard nodig hebben", meldt de publiciteitsvrouw van stichting Palulu-woon- en werkcentrum. Zowel MackNack als Lando heeft er geen moeite mee dat zij na enige tijd een bijdrage zullen moeten leveren als onderdeel van hun verzelfstandigingsstraject. "Ik begrijp het, er moet betaald worden voor licht en water. Bovendien is niets in het leven gratis", zegt Lando.

MacNack zegt dat haar dochter ook al een perceel heeft en dat ze alleen nog maar moet bouwen. Aviankoi bevestigt dat ook daarin begeleiding gegeven zal worden. In het projectplan staat ook dat er een link wordt gemaakt met het ministerie van Ruimtelijke ordening Grond en Bosbeheer om te helpen bij de aanvraag van percelen en met stichting Volkshuisvesting om ook daar te kijken wie in aanmerking kan komen voor een huis. Daarnaast staan recreatieve en sociale activiteiten op het programma om de mensen de kunst van het samenleven aan te leren.

Op het terrein waar Mi Abri nu staat wonen nog twee gezinnen. Eén vindt dat die geen zekerheid heeft te Palulu en de andere heeft aan het hoofd een man die verwacht dat met de verhuizing van de oude mensen, hij nieuwe kan accommoderen, wat hij al deed voorheen tegen een fikse vergoeding. Maar dat spelletje gaat niet door. "Wie daar is, moet weg, want binnen een week geven we het terrein terug aan Sozavo dat het gaat platleggen. Bovendien is er nu een wacht daar, zodat mensen niet weer kunnen gaan occuperen", aldus Aviankoi.

Share on Facebook    



Gerelateerde artikelen

Reageren op dit bericht? Bezoek onze Facebook-pagina