Registreren | Inloggen       Colofon
  •  
  • Home
  • 'De staatsmacht is ze overkomen'

Jerry Heirath blikt terug: ‘De staatsmacht is ze overkomen’

25/02/2020 18:00

Jerry Heirath.

Jerry Heirath. Foto: Collectie Jerry Heirath  

25 februari 1980 is voor veel Surinamers de dag waarop hun leven voorgoed veranderde. Voor sommigen in meer en voor anderen in mindere mate. Voor Jerry Heirath was dat in meerdere mate. Hij moest zijn leven ergens anders voortzetten en dat zorgt voor wat oud zeer. "Ik zeg niet dat ik er spijt van heb, maar diep in mijn hart was ik liever gewoon in Suriname gebleven."

Tekst: Stuart Rahan - Beeld: collectie Jerry Heirath

Jerry Heirath is achttien en zit in het tweede jaar van de Algemene Middelbare School (AMS) als zestien militairen de politieke macht met geweld overnemen. Het leek in alle opzichten op een 'normale' maandagmorgen en hij bereidde zich voor op een nieuwe schoolweek. Ondanks wegversperringen op weg van zijn huis aan de Drambrandersgracht naar school op Zorg en Hoop, drong het niet tot hem door dat er die dag iets vreemds aan de hand was in Suriname. Sindsdien is het vreedzame land waar Surinamers in openlijke sfeer hun zorgen met elkaar deelden nooit meer hetzelfde geweest.

"Ik had geen idee wat een coup was. Daar lees je op school over in geschiedenisboeken. Coups vinden plaats in Burkina Faso en andere Afrikaanse landen, niet in Suriname. Voor mij was het een term zonder inhoud. Ik kon mij er geen voorstelling van maken." Aan het woord is Jerry Heirath, afgestudeerd econometrist aan de Erasmus Universiteit Rotterdam over zijn herinneringen aan de coup van 25 februari 1980. "Op dat moment wist ik niet wat ons overkwam. Typisch militaire uitdrukkingen als 'YP' (gepantserd voertuig) waren mij toen vreemd." 

Totale ontreddering

Als Heirath de ochtend van 25 februari 1980 op zijn brommer het terrein van de AMS oprijdt, heerst er totale verwarring. "Directeur Gerard Hiwat (later minister van Onderwijs in regering-Venetiaan/Adjodhia, …red.) deelde ons mee dat er een coup was gepleegd. Leerlingen mochten naar huis." In zijn jeugdige onnozelheid stapte hij weer op zijn brommer, nu met zijn mati Guno.

Ze rijden richting stad om te zien wat die coup voorstelde. "We troffen opvallend jonge gewapende militairen aan op de hoek van de Dr. Sophie Redmond- en Zwartenhovenbrugstraat. Ze keken heel angstig uit hun ogen. We mochten niet verder. Onderweg werden wij door burgers gewaarschuwd dat er geschoten werd aan de Heiligenweg en dat het hoofdbureau van politie aan de Waterkant in brand stond." 

Omdat officiële media geen verslag deden van de coup, maakte de geruchtenmachine overuren. "Er zouden burgers gedood of gewond zijn. Achteraf bleek maar één persoon dood te zijn. Je hoorde veel paniekreacties. Er was totale ontreddering." Van deze onoverzichtelijke situatie maakten sommigen misbruik door te gaan plunderen. "Winkels in de Zwartenhovenbrugstraat werden geplunderd. Ik zag mensen met ventilatoren rennen over straat." 

Arron ondergedoken

Heirath vertelt over de harde overgang van het relatief onschuldige Suriname naar een toestand waar jacht werd gemaakt op zogenaamd corrupte politici en plunderaars. "Van het proces dat Bomika (Bond van Militair Kader, …red.) voerde tegen de regering-Arron had ik wel wat meegekregen, maar ik had mij er niet in verdiept. Je koppelde dat geschil niet aan een coup. Ik dacht daar in de verste verte niet aan."

"Er werd naar het enige radiostation SRS, de staatsomroep, geluisterd. Alle andere radiostations waren op last van de militairen gesloten. En 's avonds keek je naar de STVS waar militairen als Desi Bouterse, Badresein Sital en Chas Mijnals met wapens op de schoot namens de Nationale Militaire Raad (NMR) bekendmaakten dat zij de macht hadden overgenomen. Er was ook een avondklok ingesteld."

"Overtreders van de avondklok werden hard aangepakt. Eenmaal opgepakt, liepen zij in formatie achtervolgd door het zwaar geschut van de YP naar het kampement waar ze werden vastgehouden en afgeranseld. 's Avonds pas drong het tot mij door dat de militairen daadwerkelijk de macht in het land hadden overgenomen. Politici als Rufus Nooitmeer en Otmar Rodgers waren al opgepakt en het was niet duidelijk wat er met hen ging gebeuren. Premier Henck Arron was ondergedoken. Na enkele dagen werd hij alsnog opgepakt na bemiddeling van bisschop Aloysius Zichem."

Wel vakbond, geen coup

Maar de coup zou voor Heirath pas de volgende dag een wreedaardig gezicht krijgen. De volgende ochtend ging hij naar Mario, een van zijn beste vrienden, die in de buurt van het kampement woonde. "Zijn moeder vertelde dat er voor het Rode Kruisgebouw aan de Rode Kruislaan een politiebusje stond. Het busje was doorzeefd met kogels. Toen ik die kogelgaten zag, realiseerde ik mij: 'hè, dit is serieus'." Op de televisie vertelde de NMR: "We hebben alles onder controle. Het zou nooit zover zijn gekomen als de regering ons niet had getart." Voor Heirath was vanaf dat moment één ding heel helder: het was niet duidelijk wat de militairen met het land wilden.

"De militairen wilden een vakbond. De staatsmacht is ze overkomen", vat hij de bruya samen. Op de vraag of hij net als vele Surinamers blij was dat de oude politiek met deze coup letterlijk was weggeschoten, antwoordt hij ontkennend. "Ik had geen euforisch gevoel dat er verandering in positieve zin zou komen. Ik ben geen voorstander van gewelddadige overnames. De situatie in het land was weliswaar beroerd, dus gaf ik de nieuwe machthebbers het voordeel van de twijfel. Ze wilden misstanden wegwerken. In eerste aanleg was het een coup die puur vanwege het militaire groepsbelang was gepleegd." Dan trekt Heirath zijn eigen conclusie: "Ik denk dat als de regering hen hun vakbond had gegund er geen coup zou zijn geweest. Dat blijkt uit het feit dat pas achteraf de militairen hun politieke motieven zijn gaan invullen." 

Links noch rechts

In het politieke vacuüm dat ontstond na de coup wierpen verschillende politici en politieke partijen als De Volkspartij (VP) en Palu zich op om de nieuwe politieke koers te bepalen. Voorzitter Ruben Lie Pauw Sam van de VP wilde blijkbaar niet onvoorwaardelijk samenwerken waardoor er een afsplitsing plaatsvond. De afgesplitste linksgeoriënteerde Revolutionaire Volkspartij (RVP) wilde wel de politiek-ideologische koers mede bepalen.

"Met Humphrey Keerveld van het Democratisch Volksfront (DVF) wilden de militairen, naar ik vernomen heb, in eerste aanleg praten maar zij vonden hem te kritisch. Ze zaten niet op een lijn", herinnert Heirath zich. Een jaar later werd de journalist/politicus in Georgetown, Guyana, ontvoerd en vermoord door drie gemaskerde mannen. De mysterieuze moord is tot op heden niet opgehelderd.

"Wat voor mij verwarrend was, was dat de militairen zich afzetten tegen de linkse beweging met de jongens Naarendorp. Maar ze hebben zich ook verzet tegen de rechtse invloed waar Roy Horb van verdacht werd." Het eerste jaar van de coup was er een constante ideologische strijd waar coupleider Bouterse aan het kortste eind trok. Onder anderen werden Sital, Mijnals, Frank Playfair, Michael Naarendorp (RVP) opgesloten met studentenacties tot gevolg. Zij eisten vrijlating van hun linkse leiders.

Heirath herinnert zich nog die massale protestactie waar de militairen als het ware zich tegen de muur gedrukt voelden. In het Suriname Stadion (tegenwoordig André Kamperveen Stadion) kwam de studentenmassa bijeen. "Bouterse had gevraagd wie de studentenleiders waren en of die hun actie nader wilden uitleggen. Een student eiste onmiddellijke invrijheidstelling van de opgepakte linkse broeders." 

Decembermoorden

De grote deceptie in het revolutionaire proces kwam ook voor Heirath na de beruchte Decembermoorden. Hij was intussen geslaagd van de AMS en volgde net twee maanden college aan de Medische Faculteit. De Universiteit van Suriname (toen nog niet vernoemd naar Anton de Kom) werd gesloten. Het jaar daarop heeft het Militair Gezag verschillende keren de heropening uitgesteld. Maart werd augustus, augustus werd oktober, terwijl intussen de familie van Heirath al in mei 1983 alles in orde had gemaakt voor het vervolg van zijn studie in Nederland.

In oktober hakte hij met pijn in het hart de knoop door. "Ik zeg niet dat ik er spijt van heb, maar diep in mijn hart was ik liever gewoon in Suriname gebleven. Ik ben na acht jaar bewust teruggekeerd naar Suriname. Elke keer als ik er met vakantie was, had ik het gevoel: hè, hier moet ik zijn." In Nederland veranderde hij van studierichting. Na enkele werkpauzes studeerde Heirath in 2000 af als econometrist. Nu is hij docent wiskunde op een vwo-school, eerder werkte hij voor de gemeente Rotterdam en een Zorgbureau.

Dubbel gevoel

Als hem na veertig jaar gevraagd wordt of hij er goed aan gedaan heeft naar Nederland te vertrekken, graaft hij diep in zijn emoties. "Het is een beetje dubbel. Ik ben goed opgevangen en had het niet slecht." Het lot wil dat dezelfde coupplegers of wat ervan over is, nu de politieke macht hebben in Suriname. Voor hem is het een heel ingewikkelde situatie. "Ik denk dat het voor hen zelf niet geworden is wat zij ervan wilden maken en aan de andere kant ook wat wij burgers van hen verwacht hadden. Eenmaal in het politieke krachtenspel is het anders dan van de kantlijn als toeschouwer roepen. Je kan deze dag (25 februari 1980, …red.) niet ontkennen. Uiteindelijk is dat beslissend geweest voor de koers die wij nu varen. Het is helaas niet de koers die ik voor ogen had."

Hij keurt ook niet alles af wat de militairen in de afgelopen veertig jaar hebben geprobeerd. "We hebben ons gericht op het eigene, de waardering voor de zelfproductie." Daarentegen wijst hij toegenomen materialisme en grootschalige corruptie af. "Het feit dat mensen die zich in eerste aanleg tegen het kapitalisme keerden, nu zelf de kapitalist zijn, is een pijnlijke constatering. Bewoners van de Anton Dragtenweg moesten van de militairen toen hun deel inleveren. Maar nu wonen deze zogenaamde anti-kapitalisten zelf aan de Anton Dragtenweg." 

Ontzag voor het intellect

Heirath mist veel van vroeger, waaronder het publieke ontzag voor intellectuelen. "Bij verschillende instituten werd op niveau gediscussieerd over de toekomst van Suriname. Dat is nu niet het geval. Ik schaam me voor discussies in DNA. Die zijn vaak inhoudloos en op de man. Ik mis goede inhoudelijke discussies met onder anderen Otmar Rodgers en Coen Ooft. Als voorzitter van bijvoorbeeld de Katholieke Onderwijzers Bond moest je een flinke bagage hebben. Nu is men daar niet in geïnteresseerd. De jeugd ziet alleen uit naar geld. Waar jij je vroeger spiegelde aan intellectuelen is de focus nu verlegd naar het materiële, het uiterlijke vertoon."

Als hem erop wordt gewezen dat niet iedereen terugverlangt naar die 'goede ouwe tijd' is hij resoluut. Voor de revolutionaire garde staat namelijk de goede oude tijd gelijk aan herintrede van het kolonialisme dat verantwoordelijk wordt gehouden voor ontwrichting van de Surinaamse ontwikkeling. "Wanneer ik praat over vroeger, zie ik ook de tijd van Nederland als kolonisator. Maar, daar wil ik ook absoluut niet naar terug."

Vooral de manier waarop Surinamers naar elkaar kijken, stoort hem. "Na veertig jaar hebben Surinamers in Suriname een vijandige houding tegenover de Surinamers in Nederland. Dat is een negatief beeld. Ik signaleer een beeld waarin niet inhoudelijk wordt gediscussieerd." De typische uitspraak 'Jullie in Nederland denken het altijd beter te weten' hindert hem ontzettend.

"Je hebt als Surinamer vanuit Nederland misschien een wezenlijkere bijdrage geleverd dan degenen die onder het mom van nationalisme in het land zijn gebleven. Zou iemand die in Suriname gebleven is en zijn zakken heeft gevuld ten koste van de samenleving meer recht van spreken hebben? Ik dacht het niet." Heirath heeft bijvoorbeeld bijgedragen aan ondersteuning van Stichting voor het Kind maar dat wordt niet meegenomen in de eerlijke beoordeling van de liefde voor zijn land.

Share on Facebook    

Reageren op dit bericht? Bezoek onze Facebook-pagina